< Terug naar het overzicht

Interview met Bert Nelissen, bestuurder Innovo, PO Heerlen

Duurzame schoolontwikkeling /

Interview met Bert Nelissen, bestuurder Innovo, PO Heerlen

Onze Stichting telt meer dan 50 scholen voor basisonderwijs en speciaal basis en voortgezet speciaal onderwijs. Onze scholen verschillen van elkaar. Dat is logisch ze hebben een andere historie, liggen in verschillende omgevingen, stad en platteland, ze zijn groot of klein. Kortom in alle soorten en maten. Ze hebben wel een paar heel belangrijke zaken gemeen: Er is heel veel deskundigheid bij de mensen die er werken en ze willen allemaal, maar dan ook allemaal het beste uit de kinderen halen. Als ik als bestuurder zou streven naar eenheidsworst of de scholen zou dwingen in een bepaalde richting te bewegen, zou dat de dood in de pot zijn. Maar de Stichting Innovo wil natuurlijk meer zijn dan een administratiekantoor of een centraal inkoopbureau. Dan zouden we geweldige kansen laten liggen voor onze kinderen.

We hebben met elkaar goed nagedacht over hoe we met elkaar het maximale uit onze samenwerking binnen de stichting zouden kunnen halen. We kwamen uit bij de kracht van analogie oftewel het Droste-effect.

Anders gezegd: Wat we met elkaar voor elkaar willen krijgen is dat de omgang in de klas tussen leerlingen onderling en tussen leerling en leraar in lijn is met de omgang binnen de school tussen leerkrachten onderling en tussen leerkracht en directeur. En dat willen we weer in lijn hebben met de omgang tussen directeuren onderling en tussen directeur en bestuur. En tenslotte geldt hetzelfde voor de omgang tussen bestuur en Raad van Toezicht. Ik noem dat het Droste-effect. In continuous improvement noemt men dat alignment. Het gaat dan om voorbeeldgedrag van hoog tot laag. Onderwijs is voor mij vooral van elkaar leren, elkaar leren kennen, ontmoeten en delen. Onderwijs is elkaar vragen stellen, samen op zoek gaan naar oplossingen en het verkennen van mogelijkheden: de socratische dialoog.

Om zo te kunnen werken met elkaar moet je eigenaarschap op alle niveaus krachtig stimuleren. Dat begint al op het niveau van de kinderen: Leer en help kinderen zichzelf doelen stellen, leer en help ze planmatig toe te werken naar die doelen, laat ze elkaar daarbij helpen op basis van verschillen in aanleg en capaciteiten, en leer ze zo dat ze door samenwerking samen verder komen dan alleen.

Wat we in de klas willen meegeven aan de kinderen proberen we ook binnen onze aanpak van het werk binnen onze stichting in de praktijk te brengen. In mijn kamer hangt een oude schoolplaat “de grote vergadering”. Die afbeelding toont zeggenschap die is toebedeeld op basis van deskundigheid en niet op basis van afkomst of de plek waar je woont. Zo willen we het ook binnen Innovo: Zeggenschap en eigenaarschap op basis van vakmanschap, verbinding en vertrouwen in eigen kunnen: wie het weet, mag het zeggen ! Mensen leren het beste samen en het meeste van elkaar – afkijken mag! Wij stimuleren op alle vlakken het vormen van lerende netwerken binnen en buiten de school. Daarmee stralen we niet alleen uit dat wij als professionals van elkaar willen leren, maar ook dat wij kinderen stimuleren van elkaar te leren. Nogmaals: “De kunst afkijken” mag.

Op die manier sluiten we ook aan op de intrinsieke motivatie van onze kinderen en medewerkers. Dat is de belangrijkste voorwaarde voor leren. En om terug te komen op het Droste effect: Dat betekent dat de leerling aan het werk is met de leerkracht in de rol van adviseur en coach; de leerkracht is aan het werk en de IB-er of directeur werken met hem in de rol van adviseur of coach; de directeur is aan het werk en de bestuurder heeft de rol van adviseur of coach; de bestuurder aan het werk en de Raad van Toezicht in de rol van coach of adviseur. En daarnaast leert iedereen van zijn peers: De leerling van andere leerlingen, leerkrachten van elkaar, directeuren van elkaar en iedereen neemt deel aan lerende netwerken binnen en buiten de stichting.

Eigenaarschap betekent dan: iedereen met zijn eigen ontwikkeling aan de slag. Daarvan ben je eigenaar, daarvoor ben je verantwoordelijk en daarover leg je verantwoording af. Voor mij als bestuurder in relatie tot de RvT betekent dit eigenaarschap de socratische discussie over de missie, visie, kernwaarden voor INNOVO op basis van eigen persoonlijkheid en achtergronden van de toezichthouders om zo samen tot betere keuzes te komen gericht op onderwijs op maat voor ieder kind. In de klas betekent dit dat de leerkracht samen met de leerlingen de doelen voor de groep ontwikkelt en met de leerlingen nagaat of ze op de goede weg zijn. Ook dat vind ik een vorm van socratische dialoog. Natuurlijk gebeurt dat dan ook op het niveau van het team.

In mijn werk probeer ik samen met iedereen van Innovo een lerende organisatie te maken op alle niveaus. Het gaat daarbij ook om solidariteit, respect voor elkaar en de natuur, de ontwikkeling van burgerschap, omgang met sociale media, cultuurhistorisch besef enz. Mensen leren door hen in relevante contexten te brengen waardoor samen leren en samen ontwikkelen mogelijk wordt.

Mijn boodschap is eigenlijk heel simpel. In een ander interview heb ik het zo gezegd: “Eigenaarschap is de belangrijkste voorwaarde voor waar het eigenlijk om gaat: Het gaat om een leven lang leren, leren en leren! Blijf niet onderwijzen, maar ga leren, ervaringen delen en reflecteren. Ik word geraakt door al die kleine mannetjes en vrouwtjes in een kleuterklas. Wat zijn die druk met leren en ontwikkelen.” Wat voelen die zich eigenaar van hun eigen leren. Laten we dat vasthouden in ons onderwijs door het op alle niveaus met elkaar voortdurend in de praktijk te brengen. Dan komen kinderen verder, maar ook wij als professionals en ook onze organisaties. Dan lopen we niet achter de feiten aan, maar dan zijn we op alle niveaus voortdurend in staat op tijd te doen wat maatschappelijke ontwikkelingen van ons vragen. Dat ik daaraan als bestuurder iedere dag mijn bijdrage kan en mag leveren inspireert mij ongelooflijk. Iedere dag weer.



Laat een reactie achter