< Terug naar het overzicht

Interview met Mieke Alkemade

Duurzame schoolontwikkeling /

Interview met Mieke Alkemade

Mieke Alkemade was tot voor kort directeur van Pantha Rhei, onderdeel van Stichting Fedra, een grote basisschool in Beverwijk met ca. 750 leerlingen. Zij werkt ruim 5 jaar met het concept van continuous improvement en eigenaarschap op alle niveaus. 

Ik heb gekozen voor dit concept van continuous improvement omdat ik het belangrijk vind dat een ieder bij ons in de school verantwoordelijkheid neemt voor het leren. Het leren van leerlingen, maar ook het leren van het personeel. Ik heb voor het concept gekozen omdat wij op deze manier ons onderwijs (ontwikkelingsgericht onderwijs) sterk hebben kunnen verbeteren en kunnen borgen.  Het werken in thema’s en leren om onderzoek te doen is bij de leerlingen sterk verbeterd de afgelopen jaren. Bij de basisvaardigheden zoals taal en rekenen zien we dezelfde groei.

Ik ben klein begonnen, in 1 groep 6. Het concept leent zich erg goed om klein te beginnen. Eenvoudig door de resultaten van het technisch lezen aan te pakken. Dit werkte erg goed en de resultaten verbeterden. Toen groep 6 naar groep 7 overging, heb ik deze leerkracht gevraagd om het concept verder uit te breiden, niet alleen maar op de resultaten van technisch lezen, maar ook het ontwikkelen van klassenregels, een missie, verwachtingen uitspreken, doelen stellen met de groep, werken met portfolio’s. Het enthousiasme van de leerlingen en leerkracht maakte andere leerkrachten van de groepen 7 nieuwsgierig en samen hebben we de volgende stap gezet om de andere groepen 7 ook met dit concept te laten werken.

Ik zette continue kleine stapjes, deed zelf mee, probeerde mensen nieuwsgierig te maken en te prikkelen om zelf aan het werk te gaan en uit te proberen. Experimenteren is belangrijk, maar wel in een lerende context. Experimenten moeten worden geëvalueerd met leerkrachten, eventueel leerlingen en directie. Uiteindelijk vormen de experimenten basis voor nieuw beleid. Dat is een belangrijk advies, blijf steeds de cyclus van plannen, uitproberen, borgen volgen (PDSA). Het enthousiasme om zaken in te voeren kan een valkuil vormen. Het kan te snel gaan waardoor een goed borging achterwege wordt gelaten.

Het eigenaarschap in mijn team is nu goed zichtbaar door de vergaderloze school. Wij hebben geen vergaderingen meer, maar werken met leergroepen. Leerkrachten die onderwerpen willen bespreken, mee willen werken aan ontwikkeling, uitvoering of borging van nieuw beleid kiezen hier zelf voor door in te tekenen in een leergroep. De vergaderloze school is nieuw dit schooljaar en blijkt een succes. Leerkrachten voelen zich eigenaar van de ontwikkeling van de school. Zij kiezen bewust  om aan een bepaalde schoolontwikkeling mee te werken. En leerkrachten vertrouwen collega’s en hun expertise om beleid te ontwikkelen, waar zij zelf niet aan mee willen werken.

Eigenaarschap en 21e eeuwse vaardigheden zijn voor mij onlosmakelijk aan elkaar verbonden. Zodra iets van dit gedachtegoed de school binnenkomt, zie je dat mensen anders gaan denken. Ik zag verbazing, nieuwsgierigheid, kritische blikken, enthousiasme. Eigenaarschap en 21e eeuwse vaardigheden bevorderen een professionele cultuur in de school en dat is de basis waarop uiteindelijk leerlingen steeds beter leren leren. Uiteindelijk is dat de vraag die we ons dagelijks stellen.

De leerkrachten zijn verantwoordelijk voor het leren van leerlingen en hun eigen leren. Leerlingen en ouders zijn verantwoordelijk voor het leren van de kinderen. Eigenaarschap blijkt bijvoorbeeld uit onze gesprekken over resultaten en onze afspraken over hoe we onderwijs continu kunnen verbeteren. Dit proces is onderdeel van een cyclus, waarin de directie de ruimte creëert, waardoor leerkrachten zich kunnen ontwikkelen en hun dagelijks handelen kunnen verbeteren ten goede van  de leerling.

Mijn leren bestaat uit onderzoeken en nieuwsgierig zijn. Door mijn studie heb ik geleerd om onderzoek te doen en de PDSA cyclus is mijn houvast. Ik bestudeer literatuur, maar toets de theorie aan de praktijk. Ik ben regelmatig op klassenbezoek. De kennis die ik op doe, gebruik om met mijn team in gesprek te gaan. In leergroepen bespreek ik samen met mijn team hoe zij tegen bepaalde ontwikkelingen aankijken. Ik ben altijd nieuwsgierig naar wat leerkrachten ervaren, zien, doen in hun groep. Binnen onze directie zijn wij eigenaar van een ontwikkeling. Ik beheer de ontwikkeling taal en kan mij dus in dat onderwerp verdiepen. Door theorie te verbinden aan de praktijk, samen met leerkrachten in ontwikkeling te gaan, experimenteren en reflecteren, leer ik steeds meer.

Leerkrachten hebben de regie over hun leren. Zij leren vooral in de context van de ontwikkeling van de leerlingen in hun eigen groep en in de context van het leren van de organisatie. Een leerkracht laat zien wat hij of zij geleerd heeft in klassenbezoeken, gesprekken, deelname aan leergroepen. Wij zijn heel regelmatig in de groepen, niet vanuit een controlerende functie, maar veel meer coachend en begeleidend. Resultaten zijn data die inzicht geven in de ontwikkeling van leerling en leerkracht en bij mij als leidinggevende wekt dat nieuwsgierigheid. Wat maakt dat deze resultaten zijn behaald, wat zegt dat over het handelen van een leerkracht en de leerling? Als leidinggevende schakel ik hiërarchisch eigenlijk continue van boven naar samen, van een helicopterview naar een vragende en nieuwsgierige view. Er wordt ook gecontroleerd, we houden de aanwezigheid van de leerkrachten aan leergroepen bij, bijvoorbeeld.

De leerlingen nemen het concept heel serieus. We bespreken bijvoorbeeld de opbrengsten van de LOVS met de leerlingen op groeps en individueel niveau en daarna ook met ouders en leerling. Het is mooi om te zien wat dat teweeg brengt. Kinderen hebben een goed beeld van zichzelf en zijn goed in staat om dat te vertalen naar een werkplan en doelen. Ouders reageren enthousiast of verbaasd en soms ook kritisch. Als ouders zien wat het werken met de portfolio’s doet in de ontwikkeling van leerlingen zijn ze snel om. Onze resultaten zijn sinds we werken met dit concept sterk gegroeid.

Onze aanpak betekent dat leerkrachten moeten durven loslaten en nieuwsgierig worden naar hun leerlingen. Hoe denken zij, wat vinden zij, wat willen zij? Je moet jezelf kwetsbaar op durven stellen als leerkracht. Als je met kinderen in overleg gaat en samen wil vaststellen hoe zij beter willen leren, betekent dat ook dat leerlingen iets over jouw handelen mogen zeggen. Dat is best eng, wel erg boeiend!



Laat een reactie achter